ZZP BufferStartenBelastingMobiliteitJuridischPersoonlijk

Bronnen

Elke parameter in dit model komt uit een van deze pagina’s, geraadpleegd op 7 september 2026.

Bron en peildatum. Deze pagina rekent met de gepubliceerde parameters van de Belastingdienst en de Wet inkomstenbelasting 2001, peildatum 1 januari 2026, en is herzien op 7 september 2026. Het is een rekenmodel dat laat zien hoe de knop werkt — geen aanslag en geen belastingadvies.

Marginale druk zzp 2026: wat houd je over van elke extra euro winst?

Zoek je als zzp'er op hoeveel belasting je over een extra opdracht betaalt, dan lees je 30-35%, 37,56%, 45-50%, 49,5%, 49,795% of 55,6% — voor grofweg hetzelfde inkomen. Dat komt doordat de tabellen van de overheid voor werknemers zijn en rekentools voor ondernemers een netto bedrag geven in plaats van een marginale druk. Deze pagina zet de twee helften bij elkaar. En de uitkomst is contra-intuïtief: je marginale druk loopt in 2026 niet netjes op, maar piekt op 61,1% tussen ongeveer 78.400 en 91.000 euro winst. Daarboven zakt hij naar 51,2% en boven 132.900 euro naar 44,7%. Diezelfde curve verklaart waarom de afbouw van de zelfstandigenaftrek middeninkomens harder raakt dan hoge winsten: zie wat die afbouw netto kost per winstniveau.

Wat marginale druk eigenlijk is

Je gemiddelde druk ken je misschien wel: deel wat je aan belasting en premies betaalt door je winst, en je weet wat je over het hele jaar gemiddeld kwijt bent. Hoe dat er voor verschillende inkomens uitziet, lees je in de zzp-kerncijfers voor 2026; hier gaat het om de rand. Voor keuzes — een extra opdracht aannemen, kosten maken, geld in een lijfrente stoppen — telt namelijk iets anders: de marginale druk. Dat is wat je betaalt over de laatste euro van je winst. Staat er bij jouw niveau 49,1%, dan gaat van elke extra euro bijna de helft naar belasting en premies. Dit artikel gaat dus niet over wat je kwijt bent, maar over wat je volgende euro doet.

De curve

Marginale en gemiddelde druk van een zzp'er in 2026 per winstniveau De marginale druk loopt op van 4,2% bij lage winst tot een piek van 61,1% tussen ongeveer 78.400 en 91.000 euro winst, en daalt daarna naar 51,2% en boven 132.900 euro naar 44,7%. De gemiddelde druk loopt vloeiend op tot ruim 40%. 10% 20% 30% 40% 50% 60% piek 61,1% € 0 € 25.000 € 50.000 € 75.000 € 100.000 € 125.000 € 150.000 winst uit onderneming, vóór ondernemersaftrek marginale drukgemiddelde druk
Marginale en gemiddelde druk van een zzp'er in 2026, per winstniveau. Berekend uit de parameters van de Belastingdienst; de amberkleurige band is de piek van 61,1%.

Kijk goed naar de vorm: de lijn loopt niet geleidelijk op, maar heeft een scherpe piek tussen 78.400 en 91.000 euro winst van 61,1%, zakt daarna naar 51,2% en komt boven 132.900 euro uit op 44,7%. Die knik is geen rekenfout — het is de wet aan het werk.

Reken het na voor jouw winst

Vul je verwachte winst in en je ziet meteen in welke band je zit en wat je marginale druk is.

€ 60.000
Belastbare winst
Inkomstenbelasting en premies
Bijdrage Zvw
Houd je over
Gemiddelde druk
Marginale druk

De zeven banden, band voor band

WinstBox 1Tariefs­aanpassingAfbouw alg. heffingskortingArbeids­kortingZvwSamenWat er gebeurt
€ 10.000 – € 28.3000%4,2%4,2%Alleen Zvw: de heffingskortingen dekken de inkomstenbelasting volledig af
€ 28.300 – € 35.25031,2%−2,0%4,2%33,5%De arbeidskorting bouwt hier nog op en drukt de marginale druk
€ 35.250 – € 45.60031,2%5,6%−2,0%4,2%39,1%De algemene heffingskorting begint af te bouwen
€ 45.600 – € 78.40032,8%5,6%6,5%4,2%49,1%De arbeidskorting kantelt van opbouw naar afbouw
€ 78.400 – € 91.00032,8%11,9%5,6%6,5%4,2%61,1%De tariefsaanpassing aftrekposten komt er bovenop — dit is de piek
€ 91.000 – € 132.90043,2%1,5%6,5%51,2%Heffingskortingen zijn op, Zvw zit op het maximum
boven € 132.90043,2%1,5%44,7%Ook de arbeidskorting is nul; alleen tarief en tariefsaanpassing blijven over

Band 1: tot ongeveer 28.300 euro winst — 4,2%

Tot ongeveer 28.300 euro winst betaal je geen inkomstenbelasting: de heffingskortingen dekken die volledig af. Wat je wél betaalt, is de Zvw-bijdrage van 4,85% over de belastbare winst. Daarom staat hier geen 0, maar 4,2%.

Rekenvoorbeeld: bij een winst van 30.000 euro (omzet 40.000, kosten 10.000) betaal je in totaal 1.712 euro: 492 euro inkomstenbelasting en premies en 1.219 euro Zvw. Dat is 4,3% van je omzet — minder dan veel mensen denken.

Band 2: 28.300 tot 35.250 euro winst — 33,5%

Hier begint de inkomstenbelasting te lopen. De arbeidskorting bouwt hier echter nog op: een deel van wat je extra verdient, krijg je terug in een hogere korting. Zo blijft de stap naar de volgende band netjes beperkt.

Band 3: 35.250 tot 45.600 euro winst — 39,1%

De algemene heffingskorting begint af te bouwen. Die afbouw (6,398% boven 29.736 euro verzamelinkomen) rekent door in je marginale druk, en dat verklaart de stap van 33,5% naar 39,1%. Je voelt de korting nu tegen je werken in plaats van mee.

Band 4: 45.600 tot 78.400 euro winst — 49,1%

Dit is de langste band en voor veel zzp'ers de dagelijkse realiteit. De arbeidskorting kantelt hier van opbouw naar afbouw: maximaal 5.685 euro bij 45.592 euro winst, daarboven wordt hij met 6,510% afgebouwd. Elke extra euro kost je bijna de helft.

Band 5: 78.400 tot 91.000 euro winst — 61,1% de piek

Hier zit de grootste verrassing van 2026. Op de afbouwende arbeidskorting en de Zvw-bijdrage komt de tariefsaanpassing aftrekposten van 11,94% (artikel 2.10 lid 2 Wet IB 2001) bovenop. Het gevolg: over elke extra euro winst in deze band betaal je 61,1% — de hoogste marginale druk die je als zzp'er in 2026 kunt tegenkomen.

Band 6: 91.000 tot 132.900 euro winst — 51,2%

Boven de 91.000 euro zakt de druk. De heffingskortingen zijn op, de Zvw-bijdrage zit op het maximum (bijdrage-inkomen 79.409 euro) en de tariefsaanpassing is uitgewerkt. Wat overblijft is 51,2%.

Band 7: boven 132.900 euro winst — 44,7%

Ook de arbeidskorting is hier nul; hij is bij 132.920 euro volledig afgebouwd. Je marginale druk zakt naar 44,7%. Contra-intuïtief, maar zo werkt het: wie in deze zone een extra euro verdient, houdt daar meer van over dan iemand midden in de piekband.

Per winstniveau, in cijfers

Dezelfde banden nog eens op een rij, van laag naar hoog:

WinstBelastbare winstIB + premiesZvwTotaalNettoGemiddelde drukMarginale druk
€ 10.000€ 7.682€ 0€ 373€ 373€ 9.6273,7%4,2%
€ 15.000€ 12.047€ 0€ 584€ 584€ 14.4163,9%4,2%
€ 20.000€ 16.412€ 0€ 796€ 796€ 19.2044,0%4,2%
€ 25.000€ 20.777€ 0€ 1.008€ 1.008€ 23.9924,0%4,2%
€ 30.000€ 25.142€ 492€ 1.219€ 1.712€ 28.2885,7%33,5%
€ 35.000€ 29.507€ 1.955€ 1.431€ 3.386€ 31.6149,7%33,5%
€ 40.000€ 33.872€ 3.683€ 1.643€ 5.326€ 34.67413,3%39,1%
€ 45.000€ 38.237€ 5.425€ 1.855€ 7.280€ 37.72016,2%39,1%
€ 50.000€ 42.602€ 7.608€ 2.066€ 9.674€ 40.32619,3%49,1%
€ 55.000€ 46.967€ 9.852€ 2.278€ 12.130€ 42.87022,1%49,1%
€ 60.000€ 51.332€ 12.096€ 2.490€ 14.586€ 45.41424,3%49,1%
€ 65.000€ 55.697€ 14.341€ 2.701€ 17.042€ 47.95826,2%49,1%
€ 70.000€ 60.062€ 16.585€ 2.913€ 19.498€ 50.50227,9%49,1%
€ 75.000€ 64.427€ 18.829€ 3.125€ 21.954€ 53.04629,3%49,1%
€ 80.000€ 68.792€ 21.261€ 3.336€ 24.598€ 55.40230,7%61,1%
€ 85.000€ 73.157€ 24.103€ 3.548€ 27.651€ 57.34932,5%61,1%
€ 90.000€ 77.522€ 26.944€ 3.760€ 30.704€ 59.29634,1%61,1%
€ 95.000€ 81.887€ 29.564€ 3.851€ 33.415€ 61.58535,2%51,2%
€ 100.000€ 86.252€ 32.126€ 3.851€ 35.977€ 64.02336,0%51,2%
€ 110.000€ 94.982€ 37.250€ 3.851€ 41.101€ 68.89937,4%51,2%
€ 120.000€ 103.712€ 42.373€ 3.851€ 46.225€ 73.77538,5%51,2%
€ 130.000€ 112.442€ 47.497€ 3.851€ 51.349€ 78.65139,5%51,2%
€ 140.000€ 121.172€ 52.161€ 3.851€ 56.012€ 83.98840,0%44,7%
€ 150.000€ 129.902€ 56.633€ 3.851€ 60.485€ 89.51540,3%44,7%

Waarom je overal een ander percentage leest

De verwarring is begrijpelijk. De overheid publiceert marginale-druktabellen bij het Belastingplan, maar uitsluitend voor werknemers: de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling komen er niet in voor. Rekentools voor ondernemers doen het omgekeerde — die rekenen wél met die aftrekken, maar geven een netto bedrag bij een winst, geen marginale druk, en nooit als curve. Daar komt nog bij dat niet elke bron de Zvw-bijdrage of de tariefsaanpassing aftrekposten meeneemt, en dat sommige percentages de gemiddelde druk tonen in plaats van de marginale.

Daarom hoor je voor grofweg hetzelfde inkomen zomaar 30-35%, 37,56%, 45-50%, 49,5%, 49,795% of 55,6%. De Belastingdienst zegt het zelf netjes over het aftrekvoordeel: "Het voordeel wordt berekend met een tarief van 37,56%." Dat is geen onwaarheid, maar het is niet het hele verhaal: in de banden waarin heffingskortingen afbouwen en de tariefsaanpassing meetelt, ligt de marginale druk van de zzp'er een stuk hoger.

Wat dit voor jou betekent

De curve is geen waarschuwing; het is gereedschap. Drie situaties waarin die ene extra euro ertoe doet:

En ja: als je onderaan de curve zit, houd je van elke extra euro bijna alles zelf. Geld dat je verdient, mag je houden — deze pagina helpt alleen om te zien hoe de knop werkt. Wat je netto overhoudt, is ook de basis voor een buffer opbouwen als zzp'er, en het is wat een bank beoordeelt als je een hypotheek wilt aanvragen als zzp'er. Dit is inzicht, geen advies: jouw situatie — partner, ander inkomen, toeslagen — kan de uitkomst flink veranderen. Een fiscalist rekent het voor jou door.

Waar deze berekening op rust

Deze curve volgt de wet, band voor band. De parameters waarop de berekening rust:

Eén subtiel detail verklaart een deel van de hobbels. De arbeidskorting rekent met je winst vóór de ondernemersaftrek en de MKB-winstvrijstelling, terwijl de algemene heffingskorting rekent met de belastbare winst, dus ná die twee. Die asymmetrie is geen vergissing maar staat zo in de wet, en ze maakt je curve grilliger dan die van een werknemer. Hoe al die onderdelen in je aangifte terugkomen, lees je in het artikel over je aangifte inkomstenbelasting als zzp'er in 2026.

Wat dit artikel niet doet. De berekening gaat uit van: onder de AOW-leeftijd, geen fiscale partner, geen ander inkomen naast de onderneming, geen aftrekposten buiten de ondernemersfaciliteiten, je voldoet aan het urencriterium, je bent geen starter, en een heel kalenderjaar. Toeslagen zitten er niet in: wie huurtoeslag of zorgtoeslag ontvangt, heeft in de afbouwzones een hogere marginale druk. Box 3 blijft buiten beschouwing. Dit is een rekenmodel, geen aanslag.

Veelgestelde vragen

Waarom is de marginale druk boven de 91.000 euro winst lager dan in de piekband?

In de piekband van 78.400 tot 91.000 euro komt de tariefsaanpassing aftrekposten van 11,94% bovenop de afbouwende arbeidskorting en de Zvw-bijdrage, samen goed voor 61,1%. Daarboven zijn de heffingskortingen op en zit de Zvw op het maximum, waardoor de druk zakt naar 51,2%. Boven 132.900 euro is ook de arbeidskorting nul en kom je op 44,7%.

Betaal je onder de 28.300 euro winst echt geen inkomstenbelasting?

Ja: de heffingskortingen dekken de inkomstenbelasting tot ongeveer 28.300 euro winst volledig af. Wat je wél betaalt is de Zvw-bijdrage van 4,85% over de belastbare winst. Bij een winst van 30.000 euro (omzet 40.000, kosten 10.000) betaal je in totaal 1.712 euro: 492 euro inkomstenbelasting en premies en 1.219 euro Zvw — 4,3% van je omzet.

Waarom is de zelfstandigenaftrek bij 60.000 euro winst meer waard dan bij 100.000 euro?

Omdat hij bij 60.000 euro effectief 43,96% oplevert en bij 100.000 euro 37,56%. Bij 60.000 euro wint de aftrek ook heffingskorting terug, en boven 78.426 euro kapt de tariefsaanpassing het voordeel af. De Belastingdienst rekent het voordeel zelf met een tarief van 37,56%.

Waarom lees je voor hetzelfde inkomen overal een ander percentage?

Omdat de bronnen verschillende vragen beantwoorden. De marginale-druktabellen van de overheid zijn voor werknemers: zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling ontbreken daarin. Rekentools voor ondernemers rekenen wél met die aftrekken, maar geven een netto bedrag in plaats van een marginale druk. En niet elke bron neemt de Zvw-bijdrage of de tariefsaanpassing mee.

Geldt deze curve voor elke zzp'er?

Nee. Het model gaat uit van onder de AOW-leeftijd, geen fiscale partner, geen ander inkomen naast de onderneming, geen aftrekposten buiten de ondernemersfaciliteiten, gehaald urencriterium, geen starter en een heel kalenderjaar. Toeslagen zitten er niet in — wie huurtoeslag of zorgtoeslag ontvangt, heeft in de afbouwzones een hogere marginale druk — en box 3 blijft buiten beschouwing. Het is een rekenmodel, geen aanslag. Ben je net begonnen, dan gelden er ook andere regels; lees dan over starten als zzp'er in 2026.

Wat is de tariefsaanpassing aftrekposten en waarom veroorzaakt die de piek?

De tariefsaanpassing van 11,94% (artikel 2.10 lid 2 Wet IB 2001) zorgt dat aftrekposten, waaronder de ondernemersaftrek, niet tegen het hoogste tarief worden vergoed. Zodra je winst boven 78.426 euro uitkomt en je aftrekposten hebt, werkt hij als een heffing bovenop je marginale druk. In de band van 78.400 tot 91.000 euro winst komt hij bovenop de afbouwende arbeidskorting, vandaar de piek van 61,1%.