Zzp of loondienst in 2026: welke winst heb je nodig?
Wie overweegt om voor zichzelf te beginnen, komt overal dezelfde vuistregel tegen: je uurtarief moet anderhalf tot twee keer je loondienstuurtarief zijn. Soms staat er 20 tot 30% erbij, soms een kant-en-klaar bedrag. Die getallen liggen ver uit elkaar, en dat is geen toeval: ze beantwoorden drie verschillende vragen tegelijk zonder te zeggen welke.
Die eerste vraag — de fiscale — is exact uit te rekenen. En het antwoord is niet anderhalf keer, maar ongeveer 96%. Als ondernemer heb je iets mínder winst nodig dan je brutosalaris om hetzelfde netto over te houden.
Vraag 1: de belasting, en die valt anders uit dan je denkt
Een werknemer en een ondernemer betalen dezelfde inkomstenbelasting over hetzelfde belastbare inkomen, en krijgen dezelfde algemene heffingskorting en arbeidskorting. De arbeidskorting geldt voor allebei: de wet rekent zowel loon als winst uit onderneming tot het arbeidsinkomen. Op drie punten lopen ze uiteen.
| Post | Werknemer | IB-ondernemer |
|---|---|---|
| Zelfstandigenaftrek | geen | € 1.200 bij 1.225 uur |
| MKB-winstvrijstelling | geen | 12,7% van de winst na ondernemersaftrek, ook zonder urencriterium |
| Zorgverzekeringswet | de werkgever draagt 6,10% af; dit gaat niet van het nettoloon | 4,85% zelf, via de aanslag, over maximaal € 79.409 |
De eerste twee posten verlagen je belastbare inkomen fors; de derde kost je geld. Per saldo wegen de twee ondernemersfaciliteiten zwaarder. Zet je dezelfde bruto bedragen naast elkaar, dan houdt de ondernemer meer over.
| Bruto per maand | Bruto per jaar incl. 8% vakantiegeld | Netto werknemer | Netto zzp'er bij dezelfde winst | Verschil |
|---|---|---|---|---|
| € 2.000 | € 25.920 | € 25.070 | € 24.873 | −€ 197 |
| € 2.500 | € 32.400 | € 29.189 | € 29.884 | +€ 695 |
| € 3.000 | € 38.880 | € 33.065 | € 33.992 | +€ 927 |
| € 3.500 | € 45.360 | € 36.822 | € 37.940 | +€ 1.117 |
| € 4.000 | € 51.840 | € 40.052 | € 41.262 | +€ 1.210 |
| € 4.500 | € 58.320 | € 43.261 | € 44.559 | +€ 1.298 |
| € 5.000 | € 64.800 | € 46.471 | € 47.856 | +€ 1.385 |
| € 6.000 | € 77.760 | € 52.890 | € 54.450 | +€ 1.560 |
| € 7.000 | € 90.720 | € 58.629 | € 59.577 | +€ 948 |
| € 8.000 | € 103.680 | € 64.330 | € 65.818 | +€ 1.488 |
| € 10.000 | € 129.600 | € 75.732 | € 78.456 | +€ 2.724 |
Onder ongeveer € 2.055 bruto per maand draait het om en houdt de werknemer meer over. Daar wordt de zelfstandigenaftrek afgetopt op de winst en weegt de Zvw-bijdrage relatief zwaar. Daarboven wint de ondernemer, met een verschil dat oploopt tot ruim € 2.700 per jaar.
Omgekeerd: welke winst geeft precies hetzelfde netto?
Interessanter dan het verschil is het omslagpunt zelf. Hieronder staat per salarisniveau welke winst je nodig hebt om exact hetzelfde netto over te houden.
| Bruto per maand | Bruto per jaar | Netto werknemer | Benodigde winst | Verhouding |
|---|---|---|---|---|
| € 2.000 | € 25.920 | € 25.070 | € 26.125 | 100,8% |
| € 2.500 | € 32.400 | € 29.189 | € 31.355 | 96,8% |
| € 3.000 | € 38.880 | € 33.065 | € 37.358 | 96,1% |
| € 3.500 | € 45.360 | € 36.822 | € 43.526 | 96,0% |
| € 4.000 | € 51.840 | € 40.052 | € 49.461 | 95,4% |
| € 4.500 | € 58.320 | € 43.261 | € 55.769 | 95,6% |
| € 5.000 | € 64.800 | € 46.471 | € 62.078 | 95,8% |
| € 6.000 | € 77.760 | € 52.890 | € 74.694 | 96,1% |
| € 7.000 | € 90.720 | € 58.629 | € 88.285 | 97,3% |
| € 8.000 | € 103.680 | € 64.330 | € 100.629 | 97,1% |
| € 10.000 | € 129.600 | € 75.732 | € 124.013 | 95,7% |
| € 12.500 | € 162.000 | € 91.878 | € 154.275 | 95,2% |
Vraag 2: wat een werknemer erbij krijgt
Hier begint het deel dat de vuistregels opblaast — en terecht. Een werknemer krijgt dingen die niet in zijn brutoloon zitten en die jij als ondernemer zelf moet regelen. Wat die rechten precies zijn, ligt wettelijk vast. Wat het kost om ze zelf te kopen, hangt volledig van jouw situatie af.
| Wat de werknemer krijgt | Wettelijke grondslag | Voor jou als zzp'er |
|---|---|---|
| Vakantiebijslag van ten minste 8% | artikel 15 Wet minimumloon | Zit al in de vergelijking hierboven: het brutojaarloon is inclusief vakantiegeld |
| Loondoorbetaling bij ziekte: 70% gedurende 104 weken, het eerste jaar ten minste het minimumloon | artikel 7:629 BW | Zelf te dekken via een AOV of een broodfonds. Wat dat kost, hangt af van leeftijd, beroep, wachttijd en dekking |
| Pensioenopbouw, meestal met een werkgeversdeel | Geen algemene wettelijke plicht; volgt uit een cao of een verplicht bedrijfstakpensioenfonds | Zelf te regelen via lijfrente of banksparen, binnen je jaarruimte |
| WW en WIA bij baanverlies of arbeidsongeschiktheid | Premies betaalt de werkgever; verhaal op de werknemer is nietig (artikel 20 Wfsv) | Geen toegang. De publieke BAZ moet dit deels gaan afdekken, maar die wet is nog niet in werking |
Wat je hier wél uit kunt halen: de vergelijking tussen een broodfonds en een private AOV laat zien welke keuzes je hebt voor het ziekterisico, en pensioen opbouwen als zzp'er rekent je jaarruimte uit. Dat zijn de twee posten die het grootste deel van het verschil verklaren.
Vraag 3: wat je opdrachtgever eigenlijk betaalt
De derde verwarring zit aan de andere kant van de tafel. Wie zijn uurtarief afzet tegen een brutosalaris, vergelijkt de verkeerde twee getallen. Een werkgever is namelijk veel meer kwijt dan het brutoloon: bovenop het loon komen wettelijke premies die hij niet op de werknemer mag verhalen.
| Premie | Percentage 2026 | Toelichting |
|---|---|---|
| Werkgeversheffing Zvw | 6,10% | Over maximaal € 79.409 |
| AWf (WW) | 2,74% of 7,74% | Lage premie bij een schriftelijk contract voor onbepaalde tijd dat geen oproepcontract is |
| Aof (WIA) | 6,27% of 7,63% | Lage premie voor kleine werkgevers, tot een premieloonsom van € 1.082.500 |
| Opslag kinderopvang | 0,50% | Voor alle werkgevers |
| Gedifferentieerde premie Whk | gemiddeld 0,96% (WGA) + 0,56% (ZW) | Verschilt per werkgever en sector; de Belastingdienst verwijst naar de eigen beschikking |
Bij elkaar is dat 17,1% tot 23,5% bovenop het brutoloon inclusief vakantiegeld — en pensioen komt daar nog eens bovenop. Concreet:
| Bruto per maand | Bruto per jaar | Werkgeverskosten, lage premies | Werkgeverskosten, hoge premies |
|---|---|---|---|
| € 2.500 | € 32.400 | € 37.950 | € 40.011 |
| € 3.000 | € 38.880 | € 45.540 | € 48.013 |
| € 3.500 | € 45.360 | € 53.130 | € 56.015 |
| € 4.000 | € 51.840 | € 60.720 | € 64.017 |
| € 4.500 | € 58.320 | € 68.310 | € 72.019 |
| € 5.000 | € 64.800 | € 75.900 | € 80.022 |
| € 6.000 | € 77.760 | € 91.080 | € 96.026 |
| € 7.000 | € 90.720 | € 104.323 | € 109.373 |
| € 8.000 | € 103.680 | € 117.283 | € 122.333 |
Een werknemer van € 4.000 bruto per maand kost zijn werkgever dus € 60.720 tot € 64.017 per jaar, exclusief pensioen. Dát is het getal waar jouw jaaromzet tegenover staat — niet de € 51.840 aan brutoloon.
Reken het door voor jouw situatie
De fiscale kant rekent met dezelfde formules als de tabellen hierboven: box 1-schijven, algemene heffingskorting, arbeidskorting, zelfstandigenaftrek, MKB-winstvrijstelling en Zvw. Pensioen, AOV en zakelijke kosten zijn jouw eigen bedragen — het model verzint daar niets bij. Het uurtarief is de benodigde omzet gedeeld door je declarabele uren, exclusief btw.
Waarom de gepubliceerde factoren zo uiteenlopen
Zet de drie vragen naast elkaar en het patroon wordt zichtbaar. De fiscale vergelijking is exact en komt uit op 96%. De tweede vraag — pensioen, ziekte, WW — heeft geen algemeen antwoord, want de kosten zijn persoonlijk. De derde vraag gaat over een heel ander getal: niet je salaris, maar wat je werkgever aan je kwijt was.
Een bron die "1,5 tot 2 keer" schrijft, telt die drie stiekem bij elkaar op. Wie er 20 tot 30% van maakt, doet dat ook maar met andere aannames. Geen van beide is per se fout; ze zijn alleen niet controleerbaar, omdat er niet bij staat welke aannames erin zitten. Vandaar de rekentool hierboven: die zet de drie stukken uit elkaar, zodat je ziet welk deel vaststaat en welk deel jouw eigen keuze is.
Waarop dit model rekent
Drie dingen die het model bewust niet doet. Het vult geen bedrag in voor pensioen, AOV of zakelijke kosten — die zijn te persoonlijk om een gemiddelde van te maken, en er is voor de eerste twee ook geen officieel gemiddelde. Het rekent geen btw mee, want die loopt door je heen. En het zegt niet wat je moet kiezen: er zitten kanten aan zelfstandigheid die niet in een rekensom passen, in beide richtingen.
Wil je zien wat je van een extra euro winst overhoudt in plaats van van je hele winst, dan staat dat in de marginale druk voor zzp'ers in 2026. Overweeg je een bv in plaats van een eenmanszaak, dan is die som doorgerekend in het omslagpunt tussen eenmanszaak en bv. En alle bedragen die hier langskomen staan met bronlink in de zzp-kerncijfers voor 2026.
Veelgestelde vragen
Welke winst heb ik als zzp'er nodig om hetzelfde netto over te houden als mijn salaris?
Fiscaal ongeveer 96% van je brutojaarloon inclusief vakantiegeld. Doorgerekend over salarissen van € 1.600 tot € 12.500 bruto per maand ligt de verhouding tussen 95,2% en 101,2%. Je hebt dus iets mínder winst nodig dan je brutosalaris, niet meer. Dat komt doordat de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling samen zwaarder wegen dan de Zvw-bijdrage van 4,85% die je als ondernemer zelf betaalt.
Klopt de vuistregel dat je uurtarief 1,5 tot 2 keer je loondienstuurtarief moet zijn?
Die factor bundelt drie verschillende vragen. De fiscale vergelijking komt uit op ongeveer 96%. Alles daarboven gaat over wat een werknemer erbij krijgt en jij zelf moet betalen: pensioen, doorbetaling bij ziekte en WW. En over je zakelijke kosten en je niet-declarabele uren. Omdat die drie stukken zelden apart worden benoemd, lopen de gepubliceerde factoren zo ver uiteen.
Wat kost een werknemer een werkgever bovenop het brutoloon?
Aan wettelijke premies 17,1% tot 23,5% bovenop het brutoloon inclusief vakantiegeld, en pensioen komt daar nog bij. Het gaat om de werkgeversheffing Zvw van 6,10%, de AWf-premie van 2,74% of 7,74%, de Aof-premie van 6,27% of 7,63%, de opslag kinderopvang van 0,50% en de gedifferentieerde Whk-premie. Een werknemer van € 4.000 bruto per maand kost daarmee € 60.720 tot € 64.017 per jaar.
Waarom betaalt een zzp'er wel Zvw en een werknemer niet?
Bij een werknemer draagt de werkgever de werkgeversheffing Zvw van 6,10% af; dat gaat niet van het nettoloon af. Een IB-ondernemer betaalt de inkomensafhankelijke bijdrage van 4,85% zelf via de aanslag, over maximaal € 79.409. Het bedrag is dus lager, maar het komt wel uit je eigen winst.
Bij welk salaris levert loondienst fiscaal juist meer op?
Onder ongeveer € 2.055 bruto per maand, oftewel € 26.633 bruto per jaar inclusief vakantiegeld. Daaronder houdt een werknemer bij hetzelfde brutobedrag meer over dan een zzp'er met dezelfde winst, omdat de zelfstandigenaftrek daar wordt afgetopt op de winst en de Zvw-bijdrage relatief zwaar weegt.
Welke rechten heeft een werknemer die een zzp'er zelf moet regelen?
Vakantiebijslag van ten minste 8% (artikel 15 Wet minimumloon), loondoorbetaling bij ziekte van 70% gedurende 104 weken met in het eerste jaar ten minste het minimumloon (artikel 7:629 BW), en toegang tot WW en WIA. Pensioen is niet algemeen wettelijk verplicht, maar volgt vaak uit een cao of een verplicht bedrijfstakpensioenfonds. Wat het kost om die dekking als zzp'er zelf te kopen, hangt volledig van je situatie af.
Bronnen
Alle parameters komen uit deze pagina's, geraadpleegd op 8 september 2026.
- Tarieven box 1 2026 — Belastingdienst
- Tabel algemene heffingskorting 2026 — Belastingdienst
- Tabel arbeidskorting 2026 — Belastingdienst
- Arbeidsinkomen omvat zowel winst als loon — artikel 8.1 lid 1 onder e Wet IB 2001
- Zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling — artikel 3.76 en 3.79a Wet IB 2001; de MKB-winstvrijstelling kent geen urencriterium
- Werkgeversheffing Zvw 6,10% en bijdrage 4,85%, maximumbijdrage-inkomen € 79.409 — Belastingdienst
- Bij loondienst betaalt de werknemer zelf geen bijdrage Zvw — Belastingdienst, tabel werkgeversheffing of bijdrage
- Premies werknemersverzekeringen 2026 (AWf, Aof, Wko) — Belastingdienst, cijferbijlage Nieuwsbrief Loonheffingen 2026
- Gedifferentieerde premies WGA en Ziektewet 2026 — UWV
- Verhaalsverbod premies werknemersverzekeringen — artikel 20 Wet financiering sociale verzekeringen
- Vakantiebijslag ten minste 8% — artikel 15 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
- Loondoorbetaling bij ziekte 70% gedurende 104 weken — artikel 7:629 Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Pensioen is niet algemeen verplicht en volgt uit cao of bedrijfstakpensioenfonds — Ondernemersplein en Rijksoverheid